Coach Karen Ephraim over het belang van observeren en de individuele ontwikkeling in coaching

Karen Ephraim, coach en docente van de Master in Coaching van Johan Cruyff Institute, spreekt vanuit haar ervaring over observeren en de individuele ontwikkeling in coaching, ten behoeve van het team

Karen Ephraim heeft ervaring opgebouwd als docente lichamelijke opvoeding, volleybalcoach, coach van een rolstoelrugbyteam en ze is één van de hoofddocenten van de Master in Coaching van Johan Cruyff Institute, waar ze al sinds 2010 bij betrokken is en waar ze de student-coaches begeleidt –vaak binnen de sport maar soms ook daarbuiten– bij de ontwikkeling van hun coachingvaardigheden.

Dankzij haar opgebouwde expertise is zij een prachtig voorbeeld van een coach die met elke sporter kan werken, vanuit het individu en diversiteit, en ongeacht –bijvoorbeeld– hun sport, fysieke beperking of geslacht. Vanuit die ervaring gaat ze in op het belang van de individuele ontwikkeling van de sporter én de coach, om je als individu verder te ontwikkelen en succesvol te zijn.

“Wat belangrijk is voor een succesvolle coach is –vind ik– dat je je spelers écht goed kent, dat je weet hoe ze zijn en dat je hen helpt om zichzelf te begrijpen”

“Eén van de belangrijkste eigenschappen die een succesvolle coach nodig heeft is –vind ik– dat je je spelers echt goed kent, dat je weet hoe ze zijn en dat je hen helpt om zichzelf te begrijpen. Op die manier kan je ze beter teruggeven wat ze echt nodig hebben, zodat zij beter leren omgaan met hun individuele behoeften. Daarbij is observeren heel belangrijk en succesvol coachen gaat wat dat betreft ook vaak over leren observeren, wat voor mij ook luisteren en voelen omvat,” aldus Karen.

Ze heeft het doceren in haar genen, want beide ouders waren docenten en die hebben haar de liefde voor het beroep met de paplepel ingegeven. Karen geniet van het begeleiden van coaches en het inzetten van haar eigen expertise en vervolgt: “Sporters zijn mensen die graag willen leren en verbeteren. Ik hou van die omgeving.” We spraken met Karen over haar eigen ervaringen en de rol van vrouwelijke coaches in de sport.

Kan je vertellen wie jij als coach bent en wat voor jou belangrijk is in coaching?

Karen Ephraim over het belang van observeren en de individuele ontwikkeling in coaching - Johan Cruyff InstituteIk ben ooit begonnen als gymdocent en heb 10 jaar op een middelbare school gewerkt. Toen ik als docente en begeleidster met kinderen werkte, lag mijn focus altijd op de individuele ontwikkeling en dat is eigenlijk nog steeds zo.

In die tijd begon ik ook als volleybaltrainster. Een paar jaar later heb ik in Den Haag een rolstoel-rugbyteam opgericht, dat ik ook trainde. Daarnaast was ik een aantal jaar bondscoach van het nationale rolstoel-rugbyteam.

Ik had het er ontzettend naar mijn zin, want we werkten altijd aan de mogelijkheden in plaats van het onhaalbare – iets wat altijd belangrijk is, maar essentieel is in de gehandicaptensport. Want als iemand niet kan lopen, is het verspilde tijd om daar de aandacht te leggen. Je moet je focussen op de mogelijkheden die er wél zijn en dat verder uitbreiden. Bovendien is rolstoel-rugby een kleine sport; mannen en vrouwen spelen met elkaar in één team. Dan gaat het er niet meer om of je een man of een vrouw bent, maar wat je als individu kan inbrengen in een team.

“In de sport in het algemeen is het beter om aan mogelijkheden te werken, maar in de gehandicaptensport is dat essentieel”

Naar mijn mening is het vaak wel wat makkelijker om in de gehandicaptensport op die individuele inbreng te coachen, want de mogelijkheden (en verschillen) zijn vaak heel fysiek en zichtbaar aanwezig. Maar voor mij bood het een heel goede omgeving om alle mogelijkheden van elke speler te leren zien en te kijken naar de beste manier waarop ik kon bijdragen, om zo elke sporter te helpen bij de ontwikkeling van zijn of haar mogelijkheden. Vanuit die houding kijk ik nu naar het coachen in het algemeen.

Heb je ooit specifieke uitdagingen gevoeld als vrouwelijke coach?

Ik denk wel dat er uitdagingen kunnen zijn, maar dat is het voor mijzelf nooit geweest. Ik weet wat ik kan en niet kan en daar werk ik aan. Het is voor mij niet belangrijk of ik een mannelijke of vrouwelijke coach ben, want ik kijk puur naar wat mijn spelers nodig hebben en hoe ik hen hierbij kan ondersteunen. Misschien dat buitenstaanders anders naar mij kijken omdat ik een vrouw in de sport ben, maar ik merk het niet.

“Het is voor mij niet belangrijk of ik een mannelijke of vrouwelijke coach ben, want ik kijk puur naar wat mijn spelers nodig hebben en hoe ik hen hierbij kan ondersteunen”

Wilde je altijd al mensen helpen hoe zij een betere sporter of coach kunnen worden?

Ik denk dat het altijd mijn ambitie is geweest. Mijn ouders waren docenten en bij hen zag ik altijd de liefde voor hun werk. Als klein meisje wilde ik al gymdocent worden. Ik geniet nu echt van wat ik aan het doen ben, omdat sportmensen altijd ontzettend leergierig zijn en zichzelf graag willen ontwikkelen en dat biedt een geweldige omgeving om in te werken.

Hoe is het om docent te zijn van de Master in Coaching van Johan Cruyff Institute?

Ik ben sinds 2010 als docent betrokken aan de Master in Coaching en het is een enorme eer om te mogen werken met groepen studenten die zo gretig hun coachingsvaardigheden willen ontwikkelen.

“De reis die we met de studenten maken is helemaal gericht op de eigen ontwikkeling en hoe zij zichzelf kunnen verbeteren in alles wat ze doen!”

Voor mij is het belangrijkste aan dit studieprogramma dat het helemaal gaat om hun eigen persoonlijke ontwikkeling. Johan Cruijff zei altijd: “Je kan alleen anderen coachen als je jezelf kan coachen”, dus de reis die we met de studenten maken is geheel gericht op die eigen ontwikkeling en hoe zij zichzelf kunnen verbeteren in alles wat ze doen. Het is prachtig om te zien hoe de studenten-coaches zich ontwikkelen in één jaar! We laten ze zien hoe belangrijk het is om echt te observeren en echt goed te kijken en te luisteren naar anderen. Ik geloof dat de ogen van een coach enorm belangrijke instrumenten zijn, omdat coachen voor mij gaat over ‘kijken’, waar ik dan ook luisteren en voelen mee bedoel.

Je nam deel aan een symposium over vrouwenvoetbal. Waarom zijn deze evenementen belangrijk?

Ik vind ze belangrijk, omdat mensen vaak erg trouw blijven aan hoe zij dingen altijd al deden. We zijn eraan gewend dat mannen lid zijn van besturen en technische commissies. Om meer vrouwelijke leiders in het voetbal te krijgen, moet iedereen zich hier bewust van worden. Als je kijkt naar bestuursvergaderingen, zijn de meeste – als niet alle – mensen mannen en zo is het altijd al geweest. Ik vind het belangrijk om anderen ertoe aan te zetten om dit te veranderen. De organisaties die betrokken waren bij het EK Vrouwen hebben dit goed gedaan, omdat deze onderwerpen en het ontbreken van vrouwelijke leiders echt werd onderstreept. Het is nodig om dit te blijven doen totdat er nieuw gedrag gaat plaatsvinden en vrouwelijke leiders niet langer bijzonder zijn.

“Ik denk dat één van de belangrijkste dingen is dat je je spelers kent, wie ze zijn, en dat je hen helpt zichzelf te begrijpen”

Er is een groot tekort aan vrouwelijk leiderschap binnen het voetbal. Maar diegenen die betrokken zijn, zijn erg succesvol. Waarom denk je dat dit zo is?

Ondanks dat minder dan 10% van alle vrouwelijke nationale ploegen vrouwelijke bondscoaches heeft, is het slagingspercentage 92% in de wereldwijde competitie van een vrouwelijke hoofdcoach die een kampioenschap won. Sarina Wiegman is natuurlijk een geweldig voorbeeld. Ze werkt al heel lang in het voetbal en ze is erg professioneel. Naar mijn mening heeft ze alles gedaan wat een goede coach moet doen; het bewust zijn van álle aspecten van het spel. Ik ken haar niet persoonlijk, maar ik denk dat ze altijd heeft gewerkt als een voetbalcoach en niet als een vrouwelijke coach. Ze heeft gedaan wat ze dacht dat nodig was om de beste voetbalcoach te zijn en dat was haar ambitie.

Ik denk dat vrouwelijke coaches zich constant weer moeten bewijzen hoe goed zij zijn als coaches. Veel meer dan mannen dat hoeven doen. Dit doet me denken aan de Duitse scheidsrechter Bibiana Steinhaus, die in de Duitse Bundesliga (heren) floot. Ze kreeg hele goede en positieve feedback. Ze vertelde dat ze niet gezien wil worden als een voorbeeld, omdat ze doet waar ze het meest van houdt en daar goed in wil worden. Zoals ik eerder al zei, zijn we het niet gewend om vrouwelijke coaches op hoge posities te hebben, en zolang dit niet normaal is, moeten we er heel hard voor werken. En met ‘we’ bedoel ik iedereen: vrouwen die hoge ambities hebben in het coachvak en alle anderen die zich daar bewust van zouden moeten zijn en mogelijkheden zien en bieden.

Welk advies zou je willen geven aan vrouwen die willen groeien in hun coaching-carrière?

Hard werken, weten wat je mogelijkheden zijn en die mogelijkheden uitbreiden. Benadruk niet het vrouw-zijn, maar focus op groei als coach én als mens. En dat je als vrouw zaken soms anders ervaart en ziet, biedt enorme kansen!

MASTER IN

Coaching

De Master in Coaching in Amsterdam is geschikt voor iedereen die op zoek is naar meer zelfkennis en -ontwikkeling om zichzelf te verbeteren als (sport)coach of managers. Dit 10-maanden durende studieprogramma is gebaseerd op de visie van Johan Cruijff, waarin coaching meer is dan het toepassen van tactische en technische kennis. Het gaat om het managen van jezelf, de spelers/medewerkers, het team en de omgeving. Immers, je bent alleen in staat anderen te coachen, als je jezelf kan coachen.

Lees meer

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.